← Terug naar overzicht

AI-zichtbaarheid vraagt om mentions, niet alleen SEO

Geschreven door Bjorn Thannhauser

AI-zichtbaarheid mentions zijn cruciaal voor je merkautoriteit in ChatGPT. Geen backlinks, maar de juiste vermeldingen maken het verschil. Ontdek hoe nu.

AI-zichtbaarheid draait niet meer om backlinks en technische SEO — het draait om vermeldingen in bronnen die AI-modellen vertrouwen. Als product manager of AI-adviseur is dit een fundamentele verschuiving die direct raakt aan hoe je online gevonden wordt.

Jarenlang was het recept voor online zichtbaarheid helder: schrijf content met de juiste zoekwoorden, bouw backlinks op, optimaliseer je technische SEO. Dat recept werkt nog steeds — maar het is niet meer genoeg. Onderzoek van Semrush laat zien dat AI-zoekresultaten, zoals de antwoorden die ChatGPT en Google's AI Overviews genereren, andere signalen gebruiken dan klassieke zoekmachines. De vraag is niet meer alleen: rankt mijn pagina? De vraag is: wordt mijn naam of merk überhaupt genoemd als AI een antwoord samenstelt?

Wat is het verschil tussen SEO en AI-zichtbaarheid?

Traditionele SEO is gericht op zoekmachines zoals Google: algoritmen indexeren pagina's, wegen backlinks en ranken op relevantie voor een zoekopdracht. De gebruiker ziet een lijst met links en klikt door.

AI-zichtbaarheid — ook wel GEO (Generative Engine Optimization) genoemd — is fundamenteel anders. GEO is de praktijk van het optimaliseren van je online aanwezigheid zodat AI-modellen jou, je naam of je expertise citeren of samenvatten in gegenereerde antwoorden. In plaats van een lijst met links krijgt de gebruiker één antwoord. En in dat antwoord sta jij — of je staat er niet.

Het verschil is cruciaal: bij SEO gaat het om rankings. Bij GEO gaat het om opname in de kennisbasis van een AI-model. Die kennisbasis wordt niet gevoed door PageRank, maar door de kwaliteit en diversiteit van bronnen waarin jij wordt genoemd.

Wat zegt het onderzoek over AI-zoekresultaten?

Semrush publiceerde in 2024 onderzoek naar de factoren die bepalen welke merken en experts worden opgenomen in AI-gegenereerde zoekresultaten. De bevindingen zijn helder en sluiten aan bij wat ik in de praktijk zie:

  • Merken die vaker worden vermeld in kwalitatieve externe bronnen — denk aan vakpublicaties, serieuze nieuwssites, Wikipedia en gespecialiseerde blogs — verschijnen significant vaker in AI-antwoorden.
  • Klassieke backlink-profielen hebben minder voorspellende waarde voor AI-opname dan voor traditionele zoekresultaten.
  • De diversiteit van vermeldingen telt zwaarder dan volume: tien vermeldingen in tien verschillende gezaghebbende bronnen wegen zwaarder dan honderd vermeldingen op één platform.

Kortom: het gaat niet om hoeveel links naar jou verwijzen, maar om wie over jou schrijft en in welke context.

Hoe werken mentions als autoriteitsignaal voor AI?

AI-modellen zoals GPT-4 en de modellen achter Google's AI Overviews zijn getraind op grote hoeveelheden tekst van het internet. Daarin leren ze niet alleen feiten, maar ook wie als autoriteit geldt op een bepaald terrein. Als jouw naam consistent opduikt in betrouwbare bronnen als expert op het gebied van — in mijn geval — product management en AI-adoptie, dan raakt dat ingebakken in het model.

Dat is precies waarom een vermelding in een gezaghebbend vakblad of een interview op een serieuze podcast meer doet dan tien gastblogs op willekeurige contentfarms. De kwaliteit van de context waarin jij wordt genoemd, bepaalt mee hoe een AI-model jou categoriseert.

Een praktisch voorbeeld: als drie onafhankelijke bronnen schrijven dat Bjorn Thannhauser product manager en AI-adoptiebegeleider is die organisaties helpt AI zinvol in te zetten, dan is de kans groot dat een AI-model dat patroon overneemt. Wordt er nooit over je geschreven, dan bestaat je expertise voor die AI simpelweg niet.

Wat telt als een kwalitatieve vermelding?

Niet elke mention is gelijkwaardig. Bronnen die AI-modellen hoog waarderen, hebben doorgaans de volgende kenmerken:

  • Redactionele onafhankelijkheid — de vermelding is niet betaald of zelfgeschreven
  • Domeinautoriteit — de bron heeft zelf een track record van betrouwbaarheid
  • Contextuele relevantie — je wordt genoemd in het juiste vakgebied, niet willekeurig
  • Diversiteit — vermeldingen verspreid over meerdere onafhankelijke bronnen
  • Consistentie — dezelfde beschrijving van wie je bent en wat je doet, terugkerend in meerdere bronnen

Wikipedia is het ultieme voorbeeld: een vermelding op Wikipedia of als bron in een Wikipedia-artikel heeft buitenproportioneel veel gewicht in AI-trainingdata. Niet iedereen komt daarvoor in aanmerking, maar het principe is hetzelfde: gezaghebbende, onafhankelijke bronnen zijn goud waard.

Wat betekent dit concreet voor jou als product manager of adviseur?

Als product manager of AI-adviseur ben je waarschijnlijk geen groot merk met een PR-afdeling. Je bent een vakexpert die werkt aan zijn of haar reputatie. Dat maakt de verschuiving naar mentions zowel uitdagend als kansrijk.

Uitdagend, omdat je actief moet investeren in zichtbaarheid buiten je eigen kanalen. Je eigen blog, LinkedIn-profiel of website tellen minder zwaar dan wat anderen over jou zeggen. Kansrijk, omdat dit speelveld nog relatief open is. De meeste vakexperts zijn nog niet bezig met GEO — ze optimaliseren voor klassieke SEO terwijl de regels al aan het veranderen zijn.

Concreet betekent dit voor mij — en ik denk ook voor jou — dat de volgende activiteiten meer strategische waarde hebben dan ooit:

  • Bijdragen aan vakpublicaties als gastauteur of geciteerde expert
  • Aanwezig zijn in podcasts en andere audiovisuele media die worden getranscribeerd en geïndexeerd
  • Genomineerd of vermeld worden in overzichtsartikelen, "experts to follow"-lijsten of brancherapporten
  • Samenwerken met andere experts die al een gevestigde reputatie hebben in je vakgebied
  • Geciteerd worden in onderzoek of journalistieke stukken over AI, product management of digitale transformatie

Dit vraagt om een andere mindset dan SEO. Het gaat niet om het publiceren van meer content op je eigen domein. Het gaat om het verdienen van aandacht in andermans domein.

Hoe bouw je autoriteit op die ook in AI verschijnt?

Autoriteit opbouwen voor AI-zichtbaarheid is geen trucje — het is een langetermijnstrategie die begint bij het hebben van een duidelijk en consistent verhaal. Als je zelf niet precies weet wat je expertise is en voor wie je het doet, kunnen externe bronnen dat al helemaal niet consistent verwoorden.

Mijn aanpak in de praktijk:

  • Definieer je niche scherp. Ik ben product manager en AI-adoptiebegeleider voor organisaties die AI zinvol willen inzetten. Dat is specifiek genoeg om herkenbaar te zijn, breed genoeg om relevant te blijven.
  • Publiceer inhoud die geciteerd kan worden. Niet alleen blogposts, maar ook standpunten, definities, frameworks en inzichten die anderen willen overnemen of naar willen verwijzen.
  • Zoek actief naar samenwerkingen met redacties, communities en organisaties die al autoriteit hebben opgebouwd.
  • Zorg voor consistentie in hoe je wordt omschreven. Gebruik op elke plek — je bio, je LinkedIn, je website — dezelfde kernboodschap. AI-modellen leren van patronen; consistentie versterkt het signaal.
  • Denk op de lange termijn. Dit werkt niet in een week. Maar elke kwalitatieve vermelding is een investering die compoundt.

Tot slot: je eigen content blijft belangrijk, maar als aanvulling, niet als vervanging. Een goed artikel op je eigen site kan worden opgepikt en geciteerd door anderen — mits het inhoudelijk sterk genoeg is. Schrijf voor mensen, niet voor algoritmen, en maak content die zo concreet en bruikbaar is dat anderen er graag naar verwijzen.

De verschuiving van SEO naar mentions is niet het einde van contentmarketing. Het is een verdieping ervan: minder volume, meer autoriteit. Minder linkbuilding, meer reputatiebouw. Voor vakexperts die toch al liever inhoud leveren dan trucjes toepassen, is dit eigenlijk goed nieuws.

Veelgestelde vragen over AI-zichtbaarheid en mentions (FAQ)

Wat is het verschil tussen SEO en GEO?
SEO (Search Engine Optimization) richt zich op het verbeteren van rankings in traditionele zoekmachines via zoekwoorden, backlinks en technische optimalisatie. GEO (Generative Engine Optimization) richt zich op opname in gegenereerde antwoorden van AI-modellen zoals ChatGPT of Google's AI Overviews. Bij GEO draait het om autoriteit via vermeldingen in kwalitatieve bronnen, niet om rankingposities.
Tellen mijn eigen blogposts mee voor AI-zichtbaarheid?
Ja, maar beperkt. Je eigen content kan worden opgenomen in AI-trainingdata, maar weegt minder zwaar dan onafhankelijke externe vermeldingen. De combinatie werkt het best: sterke eigen content die anderen aanzet tot citeren of verwijzen.
Hoe snel zie je resultaat van mentions-opbouw?
Dit is een langetermijnstrategie. AI-modellen worden periodiek opnieuw getraind of bijgewerkt. Resultaten kunnen maanden tot meer dan een jaar op zich laten wachten. Begin daarom vroeg en wees consistent — de investering accumuleert over tijd.
Welke bronnen wegen het zwaarst voor AI-modellen?
Redactioneel onafhankelijke, gezaghebbende bronnen wegen het zwaarst: grote nieuwssites, gespecialiseerde vakpublicaties, Wikipedia, academische publicaties en toonaangevende brancheblogs. Sociale media en eigen publicaties wegen minder zwaar.
Moet ik stoppen met klassieke SEO?
Nee. Klassieke SEO blijft waardevol voor traditionele zoekopdrachten. Het punt is dat je er niet langer mee kunt volstaan als je ook zichtbaar wilt zijn in AI-gegenereerde antwoorden. Behandel SEO en GEO als complementaire strategieën.
Wil je als product manager of adviseur ook zichtbaar worden in de wereld van AI — en weten hoe je dat strategisch aanpakt?
Plan een vrijblijvend kennismakingsgesprek

Lees ook

← Terug naar overzicht

AI-zichtbaarheid vraagt om mentions, niet alleen SEO | Bjorn Thannhauser