← Terug naar overzicht

De PM-rol in het tijdperk van AI-agents

Geschreven door Bjorn Thannhauser

AI-agents worden gebruikers van je product. Wat betekent dat voor jouw prioriteiten als PM? Lees wat er concreet verandert en plan een gesprek.

AI-agents zijn geen toekomstmuziek meer, ze gebruiken je product vandaag al. Als product manager heb je ineens twee soorten gebruikers om rekening mee te houden, en de meeste teams zijn daar nog helemaal niet op ingericht.

TL;DR: AI-agents gebruiken je product anders dan mensen: sneller, zonder geduld en met andere foutgevoeligheid. Als product manager heb je twee gebruikerslagen te bedienen. Dat vraagt om aparte analytics, een aangepaste prioriteringslogica en een ander ontwerpperspectief — niet voor het scherm, maar voor het API-contract.

In 2026 draait productmanagement niet meer alleen om begrijpen wat mensen doen in je product. Het draait ook om begrijpen wat AI-agents doen. Die twee gedragspatronen lopen uiteen op bijna elk denkbaar vlak: snelheid, intentie, foutgevoeligheid en verwachting. Wie dat niet scherp heeft, bouwt aan een product dat voor de helft van zijn gebruikers niet goed werkt, en weet dat niet eens.

Het moment waarop ik het doorhad

Het drong bij mij door toen ik keek naar de API-logs van een product waaraan ik meewerkte. Er was een piek in gebruik, maar de gebruikersaantallen in onze standaard analytics bewogen nauwelijks. Iemand vroeg: "Wie doet dit dan?" Het antwoord bleek een extern geautomatiseerd proces te zijn dat via onze API data ophaalde, verwerkte en doorstuurde. Geen mens aan het stuur. Gewoon een agent die zijn werk deed.

Dat klinkt misschien technisch en ver van het bed. Maar het raakte direct aan onze roadmap. We hadden maanden geprioriteerd op basis van wat onze menselijke gebruikers nodig hadden. Navigatie, foutmeldingen, laadtijden, onboarding. Intussen was er een groeiende groep "gebruikers" die dat allemaal niet interesseerde. Die wilde betrouwbare endpoints, consistente datastructuren en duidelijke foutcodes. En die groep groeit alleen maar.

Wat is een AI-agent eigenlijk als gebruiker?

Een AI-agent is een softwaresysteem dat zelfstandig taken uitvoert, beslissingen neemt en daarvoor externe tools of diensten aanroept, waaronder jouw product. Dat kan een LLM-gebaseerde assistent zijn die namens een gebruiker data ophaalt, een geautomatiseerde workflow die elke nacht rapporten genereert, of een orkestratielaag die meerdere producten aanstuurt om een taak te voltooien.

Het cruciale verschil met een menselijke gebruiker: een agent heeft geen geduld, geen context buiten zijn taakopdracht, en geen tolerantie voor ambiguïteit. Als een mens een onduidelijke foutmelding ziet, denkt die na. Een agent retryget tot een limiet is bereikt of faalt stilzwijgend. Dat is een fundamenteel ander gebruikersgedrag.

Voor een bredere context over hoe AI de vindbaarheid van je product beïnvloedt, is het ook de moeite waard om te lezen over AI Overviews en je online vindbaarheid: wat nu?. De verschuiving in wie of wat je product "vindt" en gebruikt, loopt parallel aan wat er intern met agents gebeurt.

Wat verandert er aan je analytics en signalen?

Standaard productanalytics is gebouwd rondom menselijk gedrag. Sessies, klikpaden, retentie, feature adoption. Die metrics zijn zinloos voor een agent. Een agent heeft geen sessie in de traditionele zin. Die klikt niet, die converteert niet. Toch is het gedrag van agents een even valide signaal over de kwaliteit en bruikbaarheid van je product.

Wat je wél moet meten zodra agents een significant deel van je gebruikersbasis vormen:

  • API-foutpercentages per endpoint, uitgesplitst naar aanroepende partij
  • Retrypatronen, want een hoog aantal retries wijst op instabiliteit of onduidelijke responses
  • Latentie onder geautomatiseerde belasting, niet alleen onder menselijk gebruik
  • Structuurwijzigingen in je responses die agents kunnen breken zonder dat een mens dat opmerkt

Ik spreek bewust niet over percentages hier, want die verschillen sterk per product en domein. Maar de richting is duidelijk: je hebt twee gescheiden analytics-lagen nodig als agents een serieuze factor worden. Eén voor menselijk gedrag, één voor geautomatiseerd gedrag.

Concreet voorbeeld: twee dashboards, twee waarheden

Stel je voor: je gebruikersdashboard laat zien dat 80% van de actieve gebruikers tevreden is op basis van sessiediepte en terugkeerbezoek. Intussen verwerkt je API dagelijks duizenden geautomatiseerde aanroepen met een foutpercentage van 12% op een specifiek endpoint. Dat endpoint is cruciaal voor een downstream agent die namens tientallen klanten werkt. Je weet dit niet, want je kijkt alleen naar de menselijke laag. Dit is geen hypothetisch scenario. Het is wat er gebeurt als je je analytics niet splitst.

Hoe prioriteer je anders als je twee gebruikers hebt?

Prioriteren wordt ingewikkelder zodra je twee gedragspatronen moet bedienen. De klassieke aanpak, meest pijn voor de meeste gebruikers oplossen, werkt niet meer zonder context over welke gebruiker je bedoelt. Een bug die voor mensen nauwelijks zichtbaar is, kan voor agents catastrofaal zijn. En andersom: een onboarding-flow die menselijke gebruikers enorm helpt, is voor een agent volledig irrelevant.

Wat ik nu doe in de praktijk: bij elk prioriteringsgesprek stel ik twee vragen. Welk probleem lost dit op voor menselijke gebruikers? En welk probleem lost dit op voor geautomatiseerde gebruikers? Als het antwoord op de tweede vraag "geen" is, is dat prima, maar het moet een bewuste keuze zijn, geen blinde vlek.

Dit raakt ook direct aan hoe je je backlog indeelt. Ik ben begonnen met een apart label voor "agent-facing" work. Niet als aparte silo, maar als signaal in de prioriteringsdiscussie. Zo gaan verbeteringen aan API-stabiliteit, documentatie voor geautomatiseerde integraties en foutcodestructuur niet meer structureel onderaan de stapel liggen omdat ze "technisch" zijn en geen directe gebruikerswaarde hebben. Ze hebben wel gebruikerswaarde, alleen voor een gebruiker die eruitziet als code.

Als je meer wilt weten over hoe de rol van de product manager zich verhoudt tot bredere AI-adoptievraagstukken, vind je op mijn pagina over productmanagement en product ownership meer context over hoe ik daarnaar kijk.

Hoe ontwerp je voor twee totaal verschillende gedragspatronen?

Hier wordt het ook voor UX-designers en -onderzoekers interessant. Het vakgebied heeft altijd mensen als eindgebruiker gehad. Gebruikersonderzoek, persona's, usability-tests: allemaal mensgericht. Maar als een significant deel van je interacties geautomatiseerd is, heb je een ander soort "design" nodig voor dat deel.

Voor agents ontwerp je niet op scherm, maar op contract. Denk aan: duidelijke en stabiele API-structuren, voorspelbare foutcodes die door een agent geïnterpreteerd kunnen worden, goede documentatie die ook door een LLM begrepen wordt, en versioneringsdiscipline zodat een bestaande agent niet breekt bij een update.

Dat zijn geen traditionele UX-taken, maar ze zijn wel het domein van de product manager om te bewaken. Want als de engineering-backlog geen ruimte maakt voor agent-facing kwaliteit, en de designer alleen nadenkt over menselijke flows, dan valt het tussen de kieren. De PM is de enige die het geheel ziet.

Tegelijkertijd verandert er ook iets aan hoe je over de klantreis nadenkt. Als een agent namens een klant je product gebruikt, is de klant twee stappen verwijderd van de interactie. Dat heeft gevolgen voor hoe je feedback verzamelt, hoe je churn herkent en hoe je waarde aantoonbaar maakt. Ik schreef eerder over hoe nieuwe AI-kanalen de klantreis hertekenen, in het stuk over ChatGPT Ads: wat betekent dit voor jouw klantreis?. Dezelfde logica geldt hier: de klantreis loopt niet meer alleen door menselijke handen.

Tot slot: dit is geen reden tot paniek of hype. De meeste producten hebben vandaag nog voornamelijk menselijke gebruikers. Maar de trend is onmiskenbaar. Het aandeel geautomatiseerde interacties groeit. Als PM is het verstandig om nu alvast de infrastructuur te leggen, qua analytics, qua prioritering, qua ontwerpdiscipline, om dat dubbele gebruikersperspectief structureel te borgen. Niet omdat het hip is, maar omdat je anders over twee jaar een product hebt dat voor een groeiende gebruikersgroep slecht werkt, terwijl je dashboard je vertelt dat alles prima is.

Veelgestelde vragen over AI-agents en productmanagement (FAQ)

Wat is een AI-agent in de context van productmanagement?
Een AI-agent is een softwaresysteem dat zelfstandig taken uitvoert en daarvoor externe tools of producten aanroept, zonder directe menselijke sturing per actie. Voor een product manager betekent dit dat je product gebruikt wordt door een niet-menselijke partij met andere behoeften, gedragspatronen en foutgevoeligheid dan een menselijke gebruiker.
Moet ik als PM aparte analytics inrichten voor AI-agents?
Ja, zodra agents een serieus deel van je gebruikersbasis vormen. Standaard sessiongebaseerde analytics vertelt je niets over hoe agents je product gebruiken. Je hebt aparte monitoring nodig op API-niveau: foutpercentages, retrypatronen en latentie onder geautomatiseerde belasting.
Hoe beïnvloedt de opkomst van AI-agents mijn prioritering als PM?
Je prioriteringslogica moet twee gebruikersperspectieven bevatten: menselijk en geautomatiseerd. Een bug of gebrek aan stabiliteit die voor mensen onzichtbaar is, kan voor agents kritiek zijn. Door expliciet te vragen "wat lost dit op voor geautomatiseerde gebruikers?" voorkom je blinde vlekken in je roadmap.
Welke nieuwe vaardigheden heeft een product manager nodig voor het werken met AI-agents?
Een PM hoeft geen engineer te worden, maar moet wel begrijpen hoe API-contracten werken, wat stabiele foutcodes zijn en wat het betekent als een agent stilzwijgend faalt. Daarnaast moet je analytics-bewust zijn op twee niveaus en in staat zijn om agent-facing werk te verdedigen in de roadmap-discussie.
Wil je sparren over hoe jouw productteam omgaat met AI-agents als gebruikers? Ik denk graag met je mee.
Plan een vrijblijvend kennismakingsgesprek

Lees ook

← Terug naar overzicht